Herstel leraren in hun functie van koning-keizer-admiraal in eigen klaslokaal

We vroegen aan Didier Finet, voorzitter van het Don Bosco Onderwijscentrum (DBOC), zijn visie over het hangijzers in het onderwijs. In deze editie leest u zijn kijk op de stelling: "Herstel leraren in hun functie van koning-keizer-admiraal in eigen klaslokaal." Gaat hij akkoord of niet?

Ik stapte in het onderwijs als koning-keizer-admiraal in eigen klaslokaal. Dat was toen de norm: de school was een verzameling van koning-keizer-admiraals uit de verschillende klaslokalen. Als meester had ik mijn eigen visie, mijn eigen doelen, mijn eigen klas, mijn eigen leerlingen, mijn eigen lesvoorbereidingen, mijn eigen agenda, mijn eigen … Voortdurend zocht ik naar mogelijkheden om mijn eigen onderwijs te organiseren zodat ik de bekwaamheid, de belangstelling en de wilskracht van al mijn leerlingen kon verhogen.

Ik durf te zeggen dat ik een hardwerkende meester was die een goede relatie had met zijn leerlingen en die zijn lessen goed voorbereidde. Toch dacht ik dat ik kansen onbenut liet door zo individueel te werken. Ook de collega’s waren hard aan het werk en we vonden, zonder dat we het van elkaar wisten, allemaal het wiel opnieuw uit. Kennis delen en naar samenhang zoeken om bijvoorbeeld een educatieve stroom op gang te trekken, was niet aan de orde.

In die tijd heb ik een ik-wij-relatie gemist waarin we zoeken naar elkaar en naar elkaars denken. Met ‘wij’ bedoel ik niet alleen de leraren en leidinggevenden, maar ook de (groot) ouders, de buurt, de brede samenleving waarin de jongere opgroeit. Samen op verkenning gaan naar een gemeenschappelijke visie met duidelijke doelstellingen over kwaliteitsvol onderwijs en hoe we deze kunnen realiseren.

Ik pleit dus voor samen-werken. Samenwerken waarbij leraren van elkaar leren door samen te denken en problemen te bespreken. Door samen te onderzoeken welke werken groeperingsvormen de beste zijn, door elkaar feedback te geven, door samen projecten voor te bereiden, door samen vak- en klasoverschrijdend te werken … Een samenwerking waarvan het vertrekpunt het gezamenlijke geloof van het schoolteam is om positieve resultaten te behalen met alle leerlingen.

“In het begin organiseerde ik mijn eigen onderwijs, maar ik miste iets”

Niet alleen leerkrachten, ook leidinggevenden zijn part of the team. Zij kunnen via een ‘we gaan er samen voor’, hun leraren in de kwaliteitszorg van de school betrekken door met hen vanuit ‘leren’ naar ‘(w)onderwijzen’ en ‘organiseren’ te komen. Met leren bedoel ik leren leren, leren handelen, leren (samen)leven, leren van en in religie, leren zijn. Het ministerie van onderwijs kan op zijn beurt de mogelijkheid faciliteren om echte ‘pedagogische gemeenschappen’ te vormen: zowel binnen de school als schooloverstijgend, zowel binnen Vlaanderen als internationaal.

Deze vorm van samenwerken, die de gerenommeerde professor John Hattie ‘Collective Teacher Efficacy’ noemt, heeft volgens zijn meta-analyse de meeste impact op het leren van de leerling. Het heeft een effectgrootte van 1.57. Als je weet dat de gemiddelde impact 0.4 is, dan bereik je met Collective Teacher Efficacy bijna vier keer zoveel

In scholen zie ik ook andere manieren van samenwerking. Zo zijn er  scholen die letterlijk de muren tussen hun klassen uitbreken om met meer dan één leraar voor de klas te staan. Hoewel co- of teamteaching met een effectgrootte van 0.19 sterk onder het gemiddelde van 0.40 op het leren van de leerling scoort, maakt die werkmethode momenteel furore.

“Co-teaching is meer dan een modeverschijnsel. Leerlingen hebben nood aan meer samenwerking in het onderwijs”

De waarom-vraag is hier op zijn plaats. Hebben we met een modeverschijnsel te maken? Of slagen ervaren leraren er vandaag niet meer in om op hun eentje op maat van elke leerling te werken? We kunnen er niet omheen dat er vandaag een nood is vanuit de leerling zelf. Leraren kunnen de specifieke onderwijsbehoeften en het sterk individualiserend onderwijs niet meer alleen waarmaken. Er is een reële behoefte aan zorgverbredend samenwerken over vakken en klassen heen. Het is een noodzaak om elkaars expertise binnen te halen. Ik doel daarmee niet per se op coteaching, maar op een geïntegreerde zorgbenadering.

Besluit

Ik ga niet akkoord met de stelling dat we leidinggevenden en leraren moeten herstellen in hun functie van koning-keizer-admiraal in eigen school en klaslokaal. In tegendeel! Ik moedig aan dat leraren en leidinggevenden samenwerken, elkaar vertrouwen en vanuit gezamenlijke overtuigingen zorgen voor goed onderwijs. Om deze vorm van kwaliteitsvolle samenwerking te realiseren is overleg en expertise nodig. We moeten durven investeren in die leertijd en in wat effectief werkt.

Bron: Don Bosco Vlaanderen 2019/4




Overzicht van opiniestukken over hete hangijzers in het onderwijs: